INHOUD
1. De komst van Sony's Video 8
2. De techniek van Sony's Video 8
3. De creatieve kant van Sony's Video 8
4. De spectaculaire geluidskant van Sony's Video 8
5. De kwalitatieve groei van Sony's Video 8
6. De toekomst van Sony's Video 8
7. Het producten-pakket van Sony's Video 8
8. De 130 participanten in Video 8
De komst van Sony's Video 8
De eerste draagbare zwart/wit videorecorders
Om de komst van Video 8 in zijn juiste proporties te zien, moeten we eerst even terug in de nog jonge geschiedenis van video. Het begon allemaal in 1956, toen Ampex en Scotch de eerste praktische studio-videorecorder op de markt brachten. Uitstekende apparaten, maar ongeschikt voor de huiskamer.Door de logheid maar vooral door de hoge kosten. In 1965 bracht Sony een kleiner type videorecorder op de markt, die sterke overeenkomst vertoonde met de 'open reel' taperecorder waarmee het bedrijf op audiogebied zulke goede zaken deed. Niet direct een professioneel apparaat, maar ook niet direct een consumenten-recorder. Opnieuw waren de kosten te hoog. Een nieuwe vertaalslag van zowel Sony als Akai resulteerde enkele jaren later in de eerste draagbare video-apparatuur, waarbij zwart/ wit videocamera's werden geleverd. Het grote succes liet echter nog even op zich wachten, mede omdat de losse banden in de praktijk kwetsbaar bleken. Eind 1971 leken er voor de consument betere tijden aan te breken. Philips kwam met de eerste videocassetterecorder op de markt. Een kloek apparaat met dito banden, maar de relatief hoge prijs voor zowel software (de cassettes) als hardware (de apparaten) maakte dat video nog vrijwel uitsluitend tot scholen beperkt bleef.
Sony pakt het voortouw
De ommekeer kwam in 1975, toen Sony met de eerste Betamaxvideorecorder op de markt kwam. Speelduur een uur. Een paar maanden later lanceerde JVC zijn VHS-systeem. Speelduur twee uur. In 1977 probeerde Philips zijn VCR-systeem nieuw leven in te blazen door de snelheid te halveren, maar toen al was duidelijk dat dat systeem het uiteindelijk niet zou halen. 1978 was het jaar van de definitieve doorbraak van video. Deels door de Wereldkampioenschappen Voetbal in Argentinië, deels door de opgevoerde speelduur van zowel Betamax als VHS, respectievelijk 3 uur en 20 minuten en 3 uur. In Amerika bleef de systemenstrijd beperkt tot twee systemen (Betamax en VHS), in Europa kwam er in 1979 door Philips en Grundig een derde systeem bij: V-2000 als opvolger van het geflopte VCR. Een omkeerbare cassette, een langere speelduur (maximaal 8 uur) en een Dynamic Track Following, waarmee versneld opzoeken van beeld zonder de gebruikelijke stoorstrepen kon worden gerealiseerd. Uiteindelijk zou Philips eind 1984 definitief de pijp aan Maarten geven: de productie van V-2000 werd gestaakt.
De beroemde F-1 compo
![]() |
| SL-F1 portable videorecorder |
Al voor de komst van Betamax en VHS was duidelik dat video niet alleen beperkt zou worden tot de huiskamer, reden waarom zowel Betamax als VHS al vrij snel na hun introductie met draagbare apparatuur op de markt kwamen, bestaande uit videocamera (kleur), draagbare videorecorder en losse tuner om met dit systeem ook televisie-uitzendingen te kunnen opnemen. Sony was de eerste die daadwerkelijke verkleining nastreefde: de nog steeds beroemde F-1 compo was het resultaat. Later zou Panasonic met de NV-180 een nog kleinere en lichtere portable videorecorder op de VHS-markt brengen. Duidelijk was echter dat - wilde portable video een serieuze kans van slagen hebben - er iets aan het formaat gedaan moest worden. Het onbeduidende Funay uit Japan wierp de knuppel in 1982 in het hoenderhok met een kleinere cassette en dito apparatuur. Een poging die nauwelijks serieus genomen kon worden, want JVC kwam al vrij snel met een afdoend antwoord: de VHS-C recorder. Een losse 'unit' met losse camera en een cassette, die via een adaptor afgespeeld kon worden op de grotere VHS-machines. Nauwelijks was het rumoer rond de introductie van VHS-C verstomd, of Sony kwam met een tegenzet: de Betamovie, die gebruik maakte van een normale Betamax-cassette. De eerste camcorder uit de geschiedenis van consumentenvideo. Bijna een jaar had JVC nodig om die klap te verwerken: op de Funkausstellung van 1983 werd de eerste VHS-C camcorder geïntroduceerd. De systemenstrijd tussen VHS en Betamax ging toen zijn beslissende finale tegemoet.
De roep om een universeel systeem
Op de Photokina van 1980,een tweejaarlijkse foto/ film-beurs in Keulen, lieten de belangrijkste elektronica-fabrikanten onder aanvoering van Sony weten dat het razendsnel gedaan zou zijn met Super-8. In plaats daarvan zou er een elektronisch optekensysteem komen. Sony lanceerde zijn 'Videomovie', Hitachi kwam met zijn 'MAG', Matsushita met weer een ander systeem en ook Sanyo was met een afwijkend concept van de partij. Om de Japanse industrie te beschermen, vroeg de Japanse overheid toen vriendelijk, maar beslist aan de partijen om met een universeel systeem te komen teneinde ook in de toekomst sterk te staan tegenover een multi-national als Philips. Han Avot, hoofdredacteur van het consumenten-videoblad 'Video Totaal', die eind 1981 voor het eerst in Japan vertoefde, stond aan de wieg van 8mm Video. Hij tekende toen uit de mond van de generalmanager van Panasonic op, dat genoemde vier bedrijven om de tafel waren gaan zitten om tot een universeel systeem te komen. De 'scoop' werd op 3 december 1981 gepubliceerd Een maand later waren vijf bedrijven betrokken bij de realisatie van 8mm Video; Sony, Matsushita, JVC, Hitachi en Philips. Op 10 februari 1982 waren ze het eens over de technische specificaties en nodigden ze andere ondernemingen uit om mee te gaan met de nieuwe wereldstandaard. Het gevolg was dat in totaal 122 bedrijven, inmiddels zijn het er 130, akkoord gingen met 'Video 8'. In eigen research-centra zouden ze op basis van de standard aan eigen ontwikkelingen gaan werken. Als introductie-datum stond medio 1985 gepland.
Weer liep Sony voorop
![]() |
| CCD-V8E eerste Video 8 camcorder |
Vanaf die 10de februari 1982 werd er achter de schermen van de grote elektronica-bedrijven druk gewerkt aan Video 8. Philips leek het eerste klaar te zijn en toonde op de Vidcom van 1983 (in Cannes) een eerste proto-type. Tot een daadwerkelijke introductie kwam het echter niet, ondanks het feit dat Philips Chriet Titulaer in de zomer van 1984 met zijn Video 8 op een reis rond de wereld stuurde. In januari 1984 kwam niemand minder dan Kodak op de toenmalige Consumer Electronics Show in Las Vegas met de mededeling later in dat jaar met een eigen 'Video 8'-systeem op de markt te zullen komen. Gemaakt door niemand minder dan Matsushita, die zelf direct verklaarde niet met 'Video 8' op de markt te zullen komen, omdat VHS nog genoeg aanknopingspunten bood. Daarna werd het even stil, maar het was stilte voor de storm. Want in januari 1985 greep Sony - zoals zo vaak - het voortouw en kwam daadwerkelijk op de markt met een 'Video 8'-camcorder, de CCD-V8. De sensatie was compleet en VHS had op portable-gebied het nakijken. Ondanks de gelijktijdige introductie van de grote VHS-Movie, werkend op basis van een normale VHS-cassette. Op de Funkausstellung van 1985 ontredderde Sony de directe concurrentie nog meer door de 'Handycam' te introduceren, 's werelds kleinste camera. Inmiddels heeft die 'Handycam' een broertje gekregen: de V-30. Bijna even klein, maar wel geschikt voor opname en weergave!
De nieuwe voorsprong: V100
Opnieuw liet het antwoord van JVC enige tijd op zich wachten. Met man en macht werd gewerkt aan een nieuwe versie van VHS-C om de overmacht van 'Video 8' ( 50 procent van de camcorder-markt) met succes te kunnen bestrijden. Op de Consumer Electronics Show in Las Vegas, januari '86, kwam dat antwoord in de vorm van een nieuwe VHS-C camcorder met 'HQ' voor een betere beeldweergave en gehalveerde speelduur. De daadwerkelijke introductie in Nederland vond plaats tijdens de Firato 1986. Inmiddels had Sony al weer een nieuwe voorsprong genomen door de introductie van de V100, de absolute top op 'camcorder'-gebied. tegelijkertijd bekeerden meer en meer fabrikanten, voornamelijk uit de film- en fotobranche zich tot 'Video 8', zodat er op dat terrein in ieder geval sprake is van een standaard. Precies die universele standaard die de Japanse elektronica-fabrikanten in 1981 voor ogen stond toen de Japanse regering hen vriendelijk doch beslist vroeg om op videogebied de krachten te bundelen.
De techniek van Sony's 'Video 8'
De conventionele manier
Alles wat we horen en zien, heeft met trillingen te maken. Trillingen per seconde, die we aanduiden met Hertz (Hz). Als iets dus precies een keer heen en weer slingert per seconde, dan spreken we over 1 Hz. We kunnen dat zien als het om bijvoorbeeld een Friese staartklok gaat, maar we kunnen die trilling niet horen. Daarvoor is een hoger Hertz-getal nodig, minimaal zo'n 16 Hz. We spreken dan van een zeer lage toon, want hoe hoger het Hertz-getal, hoe hoger de toon die we horen. Ergens tussen 15.000 en 20.000 Hertz horen we ineens niets meer. Het gebied tussen 20 en 20.000 Hertz noemen we op audiogebied dan ook het hoorbare gebied. Bij video praten we echter over veel hogere waarden, dat gebied gaat tot maar liefst 5 miljoen Hertz. Om dat op videoband te kunnen vastleggen, moet de snelheid waarmee de band langs de opnamekoppen loopt, opgevoerd worden tot zo'n 5 meter per seconde. Daarmee zou video voor de huiskamer onhaalbaar zijn geworden ware het niet dat een onderzoeker van Toshiba het Helican Scan-systeem uitvond. Daarbij wordt de band niet met grote snelheid langs de opnamekoppen gevoerd, maar wordt de band langs een eveneens draaiende trommel gevoerd waarin videokoppen met nog grotere snelheid draaien, om precies te zijn met 25 omwentelingen per seconde. Het resultaat is dat die beoogde snelheid nu wel wordt benaderd, zonder dat er hele grote banden en dito machines nodig zijn. Omdat de koppentrommel schuin is gemonteerd ten opzichte van de band, wordt op de band een groot aantal schuine spoortjes opgetekend. Twee van die naast elkaar liggende spoortjes vormen precies een televisiebeeld. Om nu te voorkomen dat de videokoppen het verkeerde spoor aftasten, werden de spoortjes bij bijvoorbeeld de eerste generatie Betamaxrecorders met een redelijke tussenruimte op de band gezet. Door de videokoppen ten opzichte van elkaar onder een hoek van 90 graden in de koppentrommel te monteren, we noemen dat de Azimuthinstelling, slaagde men er in bij de tweede generatie Betamaxrecorders de spoortjes veel dichter bij elkaar te zetten, waardoor de speelduur van de cassette aanzienlijk kon worden opgeschroefd.
Zo werkt Sony's Video 8
In het 'Video 8'-systeem wordt die conventionele manier nog steeds toegepast, zij het dat de voortgaande verkleining duidelijk zichtbaar is. De koppentrommel van Sony's 'Video 8' is veel kleiner dan die van andere videorecorders. De wijze waarop de band lang de koppentrommel wordt gevoerd, is direct ontleend aan het professionele U-matic systeem en het nog steeds bestaande Betamax-systeem. We praten over U-lading, waardoor het band/kop-contact zo lang mogelijk in stand blijft, wat aan de beeldkwaliteit te merken is.

Afwijkend ten opzichte van de andere videosystemen is de roterende wiskop, rechtstreeks ontleend aan de professionele U-matic recorder. Bij verreweg de meeste videorecorders komt de band op zijn weg van de ene haspel naar de andere eerst de wiskop tegen en pas dan de koppentrommel. Wie nu over een bestaande opname een nieuwe wil maken, zal bij die videorecorders onvermijdelijk tot de conclusie komen, dat er aan het begin van de nieuwe opname kleurstoring optreedt. Een logisch gevolg van het feit dat het stilzetten van de band om op die plaats een nieuwe opname te starten, altijd een stukje voorbespeelde tape tussen koppentrommel en wiskop oplevert. Bij Video 8 zit de wiskop in de kopppentrommel zelf en wel zodanig dat hij alleen het nieuw op te nemen videospoor tevoren wist. Er is geen stukje oud materiaal dat niet gewist wordt. Maar wat meer is, dit systeem levert ook een perfecte 'insert' op want ook daarbij geldt dat beeldnauwkeurig monteren op andere videorecorders onmogelijk is. Afwijkend bij 'Video 8' is ook de geluidsregistratie. Op de spectaculaire voordelen daarvan komen we terug in hoofdstuk 4.
De CCD bij Sony's 'Video 8'
Bij zijn 'Video 8' camcorders maakt Sony niet langer gebruik van een opnamebuis. Daarvoor in de plaats is een chip gekomen, een CCD (Charge Coupled Device). Voor het lichtgevoelige oppervlak is een zogenaamd 'stripe filter' gemonteerd, dat het opvallende licht splitst in de primaire kleuren rood (R), groen (G) en blauw (B), de zogenaamde RGB-kleuren. Het gevolg is dat er drie signalen de chip verlaten, die vervolgens samen met de synchronisatiepulsen worden ondergebracht in een compleet videosignaal. De chips die Sony voor zijn 'Video 8'camcorders gebruikt, hebben op dit moment een oplossend vermogen van 290.000 beeldpuntjes.
De creatieve kant van Sony's 'Video 8'
Weet U het nog, die tijd van 'Single 8', 'Super 8' of hoe al die andere filmsystemen ook mogen heten? Een klein filmcameraatje, filmrolletjes en indien nodig wat kunstlicht. Handig, dat zeker. Tot het moment waarop het filmrolletje van de ontwikkelcentrale terugkwam. Dan moest er geknipt en geplakt worden om de juiste overgangen te krijgen. Dan moest de huiskamer worden verduisterd als u overdag uw creatieve product aan de goegemeente wilde laten zien. Dan moest er ergens in die huiskamer een filmscherm worden opgezet en U moest die filmprojector uit de rommelkast tevoorschijn halen. Als u wilde ingrijpen in het geluid, dan moest u eerst via allerlei bandrecordertjes en mixapparaatjes een band maken om daarna uw film te laten 'stripen'. Kortom, zo gauw de opname gemaakt was, was het ook gedaan met het begrip 'handig'. Maar leuk was het wel. Kostbaar ook, want een filmrolletje van drie minuten kostte toch al gauw 15 gulden (€ 6,81). Toen kwam video. Wat kleur betreft eerst alleen in de huiskamer, pas daarna draagbaar. Hoewel, vijf kilo kun je nauwelijks draagbaar noemen en de kwaliteit viel in eerste instantie ook tegen. De scherpte was minder, kleuren waren vaak niet helemaal optimaal en om te monteren waren en zijn er twee recorders nodig. De komst van steeds meer geperfectioneerde systemen heeft heel wat van de aanvankelijke achterstand ingelopen. Onhandig kun je video met de beste wil van de wereld niet meer noemen. Zeker nu camcorders hun intrede hebben gedaan, is dat begrip volledig verdwenen. En dat geldt dan voor alle camcorders, die op dit moment op de markt zijn. Of het nu de VHS-Movie is, of de Videomovie, of de Betamovie of 'Video 8' Op creatief gebied ontlopen ze elkaar natuurlijk wel. Wat met de een kan, kan niet met de ander. Het hangt van uw persoonlijke smaak, stoelend op het gebruik dat u er in de praktijk van zult maken, af aan welke camcorder u uiteindelijk de voorkeur geeft. Laten we ons verder beperken tot de creatieve mogelijkheden van wat Sony's 'Video 8' te bieden heeft en dan met name de CCD-V100 PRO. In die camcorder zitten namelijk alle creatieve mogelijkheden van 'Video 8' gebundeld. Wat te denken van de fade in/fade out, waarmee u zich ter plekke alvast met een goede beeldovergang kunt bezighouden? Wat te denken van de beeld-voor-beeld opname, waardoor u het opengaan van een bloem moeiteloos kunt vastleggen? Zonder klapperende beeldovergangen, want de al eerder besproken roterende wiskop doet natuurlijk zijn werk. Een eventueel later in te voegen 'insert' kan vooraf worden bepaald en de camcorder heeft een speciale 'edit'-schakelaar voor een nog betere beeldkwaliteit. Het meest spectaculair is natuurlijk de mogelijkheid om bij deze camcorder het beeld van de camera 'af te tappen' alvorens er sprake is van een opname. Daardoor kunt u voor de daadwerkelijke opname al met het beeld stoeien middels elektronische trukendozen. Een aparte tekstgenerator is niet nodig, want de CCD-V100AF heeft een ingebouwde tekstgenerator voor titels in 7 verschillende kleuren.
De spectaculaire geluidskant van Sony's 'Video 8'
In het vorige hoofstuk zijn we ingegaan op de creatieve beeldmogelijkheden van het 'Video 8'- systeem. Ditmaal gaat het om de geluidsmogelijkhden. Die zijn werkelijk spectaculair. Want 'Video 'maakt voor het vastleggen van het geluid gebruik van de FM-registratie-techniek. In gewone videorecorders wordt het geluid met een stilstaande kop op de band gezet. Dat heeft nadelen want bij de daar gebruikte snelheden is geen goede registratie van het geluid mogelijk. Daarom heeft de HiFi-videorecorder bij VHS en Betamax zijn intrede gedaan. Bij die recorders heeft de geluidskop ook een plaatsje gevonden in de koppentrommel. Eerst wordt het geluid op de band gezet en vervolgens komt daar het bijbehorende beeld overheen. Nadeel van deze techniek is, dat er met het op die manier opgenomen geluid niet meer te manipuleren valt zonder het beeld aan te tasten. Het geluid ligt immers onder het beeld.
![]() | toepassing PCM techniek bij Video 8 |
Zoals gezegd, past Sony dit systeem ook bij 'Video 8' toe. De EV-S600 en de EV -S800 / EV-S850PS kennen echter nog een andere mogelijkheid om geluid vast te leggen. Daartoe wordt gebruik gemaakt van de PCM-techniek, de Puls Code Modulatie. Een groot aantal malen per seconde wordt bij die techniek het audio-signaal nagemeten. Die metingen leveren steeds een bepaalde spanning op en voor iedere spanning kent de omzetter een uit 16 nullen en enen bestaande code. Net zoals bij de Compact-Disc. Al die codes worden achter elkaar op de band gezet en bij weergave terugvertaald in het oorspronkelijke signaal. De PCM techniek wordt bij 'Video 8' onafhankelijk van de FM-registratie toegepast. Een klein stukje van de band is daarvoor gereserveerd. Dat heeft als voordeel dat u na een opname apart geluid (steréo) kunt toevoegen zonder het oorspronkelijke monogeluid aan te tasten. Een strand-opname kunt u dus van commentaar voorzien, of van een muziekje zonder dat u het ruisen van de zee verliest.
Wie de EV-S600 als geluidsrecorder wil gebruiken, krijgt te maken met het fenomeen 'Multi PCM'. Dan wordt het stukje band dat normaal wordt gebruikt voor het vastleggen van beeld en FM-geluid, ineens in vijf stukjes verdeeld voor PCM-registratie. De zes vakjes (een was er immers al) zijn dan ineens goed voor in totaal 18 uur muziek. In digitale kwaliteit! De uiteindelijke geluidskwaliteit is niet helemaal vergelijkbaar met die van de Compact -Disc omdat het aantal malen dat per seconde bij 'Video 8' wordt gemeten, kleiner is dan bij de Compact-Disc. Maar een frequentiebereik van 20 tot 15.000 Hertz is nog altijd spectaculair. En stukken beter dan u uit uw FM-tuner haalt!

De kwalitatieve groei van Sony's 'Video 8'
Nieuw staat bijna altijd gelijk aan ' kinderziekten'. De een erger dan de ander. Toen Mercedes destijds met zijn inmiddels befaamde 190-serie op de markt kwam, bleek de enkele ruitenwisser in de praktijk net niet te voldoen. Het wis-oppervlak was net te gering. In latere modellen veranderde Mercedes dat en deed de elektronisc h gestuurde eenarmige ruitenwisser zijn intrede. Resultaat: een ongekend groot wis-oppervlak. Aardige bijkomstigheid is dat de chip voor die eenarmige ruitenwisser afkomstig is van ITT-dochter Intermetall. Waarmee we
![]() |
| SL-C7E Betamax videorecorder |
weer bij de elektronica zijn aangeland. Ook daar kennen we dat verschijnsel. Vraag het Phillips, die met zijn V-2000 systeem een heel moeilijke start kende door tal van in de praktijk optredende kleine tekortkomingen. Vraag het ook Sony, die in de beginjaren van consumentenvideo in Nederland met de SL-C7 (Betamax) een absolute 'winner' in huis had. Maar ook een apparaat dat het in de praktijk nog wel eens liet afweten. Met alle problemen voor kopers, maar ook Sony service-centra van dien. Toen Sony in 1985 op de markt kwam met de CCD-V8AF was dat apparaat een geheel nieuw product, werkend volgens een geheel nieuw systeem. Logisch dat er in de aanloopfase ineens onverwachte problemen de kop opstaken. Deels veroorzaakt door de nieuwe, sterk verkleinde koppentrommel, deels door de tape die de enorme hoeveelheid signaal niet kon verwerken, deels door de chip die nog wel eens wisselvallig van kwaliteit kon zijn. Alle problemen zijn inmiddels opgelost. De 8mm tape is sterk verbeterd, de kwaliteit van de gebruikte chips is inmiddels op een gelijkblijvend - verhoogd - niveau gebracht en het recordergedeelte van de ' Video 8' -camcorder is spectaculair verbeterd. Dat blijkt niet alleen uit de specificaties, die Sony zelf altijd opgeeft bij zijn apparaten. Dat blijkt ook en nog betrouwbaarder uit de vele positieve testen rond 'Video 8', die sinds de introductie in tal van nationale en internationale vakbladen zijn verschenen. Al die vakbladen zijn het er inmiddels over eens, dat de kwaliteit van 'Video 8' gewoon goed is. Testen in het consumentenblad 'Audio & Video Totaal' illustreren dat waarschijnlijk het beste. Dat tijdschrift werkt namelijk al sinds jaar en dag met een cijferlijst, die het resultaat is van een gestandaardiseerde test-procedure. Dat wil zeggen, alle camcorders doorlopen, onafhankelıjk van systeem, dezelfde testprocedure. Waarna de resultaten vertaald worden in punten. Nemen we nu de juli/augustus uitgave 1985 van dat tijdschrift. Daarin stond een test van ondermeer de Sony CCD-V8. Aan de hand van onderstaand lijstje is te zien wat de punten waren die aan de beeldkwaliteit van recorder- en cameragedeelte werden toegekend:
| Type | CCD-V8 |
| Beeldkwaliteit Camera Recorder | 11 10 |
Maken we nu een sprong naar het Firato-nummer 1986 van genoemd tijdschrift. Daarin stond een test van de Sony CCD-VIAF (opvolger van de V8). Aan de hand van onderstaand lijstje is duidelijk de groei in kwalitatieve zin te zien.
| Type | CCD-V7 |
| Beeldkwaliteit Camera Recorder | 12 11 |
Maken we nu een sprong naar het december-nummer van 'Audio & Video Totaal'. Daarin werd de Sony CCD-V100E getest. Opnieuw een kwaliteitsverbetering en ditmaal een ronduit spectaculaire. Niet voor niets werd de Sony CCD-V100E door genoemd tijdschrift dan ook bekroond tot 'Camcorder van het jaar'
| Type | CCD-V100E |
| Beeldkwaliteit Camera Recorder | 13 14 |
Uit de gepubliceerde lijstjes blijkt duidelijk dat de kwaliteitssprong zich niet alleen beperkt tot het cameragedeelte. Met name het recordergedeelte is zeer sterk verbeterd waardoor Sony's 'Video 8' razendsnel volwassen is geworden. Want Sony's 'Video 8' is pas twee jaar op de markt. En iedereen weet ongetwijfeld nog hoe lang het geduurd heeft voordat de andere video-systemen kwalitatief konden groeien! Met andere woorden, in kwalitatieve zin ontlopen de verschillende camcorders op de Nederlandse markt elkaar niet langer. Wel zijn er duidelijke verschillen in hanteerbaarheid (ligt de camcorder goed in de hand, of op de schouder?), in aantal features (wat kun je er in het veld allemaal mee doen?) in geluidskwaliteit (wel of geen HiFi-registratie?) en in visuele uitvoering (hoe groot of klein oogt de camcorder?). Dat soort verschillen zal van koper tot koper een ander gewicht in de schaal leggen. Vandaar dat het verstandig is bij aankoop van welke camcorder dan ook zelf in de winkel tot een vergelijkend onderzoek over te gaan. En daarbij vooral de creatieve mogelijkheden van ieder systeem te laten mee beslissen. Want creativiteit staat bij de actieve videofilmer natuurlijk voorop!
De toekomst van Sony's 'Video 8'
Toen Sony als eerste elektronica-fabrikant met 'Video 8' op de markt kwam, heette het dat het een noodsprong was, omdat Betamax internationaal aan de verliezende hand was. In werkelijkheid was de beslissing om met 'Video 8' te komen, natuurlijk al veel eerder genomen. Minstens anderhalf jaar voor de wereldintroductie in 1985 gaf Norio Ohga, president van Sony, het groene licht voor het op poten zetten van produktie-lijnen. Minstens anderhalf jaar voor de wereld-introductie waren werkende exemplaren van Sony's eerste 'Video 8'-camcorder klaar. Anders kan onmogelijk verklaard worden hoe Sony er in slaagde daags na die spectaculaire bekendmaking in 1985 met 'Video 8' in de Japanse en Amerikaaanse winkels te staan. Daarbij ging het al direct om een compleet programma, want naast de camcorder werd ook de 'Video 8'-huiskamerrecorder geïntroduceerd. Bovenstaande geeft aan dat Sony al voor de tanende belangstelling voor Betamax - overigens gaat het hier uitsluitend om normale Betamax-recorders, voor de Beta-Hifi recorders was en is nog steeds belangstelling - geloofde in een toekomst voor 'Video 8'. Een toekomst die volgens Sony's vice-president Masaaki Morita zal resulteren in steeds kleinere videorecorders en steeds meer gecombineerde audio/videoapparaten.
| Masaaki Morita, vice-president Sony Corporation met de allereerste Handycam | ![]() |
Ten tijde van de Firato 1986 lichtte Morita een tipje van de sluier op. Er komt te zijner tijd een gecombineerde televisie/ videorecorder. Niet groter dan een normaal televisietoestel, maar wel met een ingebouwde 'Video 8' recorder. Het apparaat was toen in een draagbare versie daadwerkelijk in werking te zien. Het veelbesproken ' roggebroodje' van Sony, de Handycam, zou - zo meldde Moritaeen broertje krijgen in de vorm van een Handycam met playback-mogelijkheid. Zonder dat de maten zouden veranderen. Nu VHS-C met een camcorder zonder 'playback'-mogelijkheid op de markt is gekomen, wordt pas duidelijk waartoe de kleinere 'Video 8-cassette kan leiden. Want neemt u maar gevoeglijk aan dat met de V-30 de verkleining niet zal ophouden. Morita sprak bijvoorbeeld over een 'Walkman'-achtige ' Video 8-camcorder.In het klepje van de recorder zou een kleuren LCD-schermpje worden verwerkt. Hij sprak ook over een nog kleinere versie van 'Video 8', waardoor het elektronische tijdschrift realiteit kan worden. Op dit moment is het uitgeven van elektronische tijdschriften nog een probleem omdat ze afhankelijk zijn van de huidige televisie- en videoapparaten. Hoe klein die nu al ook mogen zijn, ze zijn niet overal even gemakkelijk inzetbaar. Met 'Video 8' in nog verder verkleinde vorm kan dat wel. Zeker wanneer dat 'Video 8' apparaat gevoed kan worden met 'dry cells' dan wel zonne-energie. Op dat moment gaat er een wereld aan mogelijkheden open. Met een groot voordeel: de kopers van 'Video 8' van het eerste uur zullen al die nieuwe toepassingen ook op hun eerste 'camcorder' kunnen benutten. Want de cassette bepaalt de standaard. Net zoals dat bij de Compact Disc het geval is. Zelfs nu er kleine plaatjes (miniCD) komen, kunnen die gewoon op de 'Compact Disc' spelers van de eerste generatie (1983 al weer) worden afgedraaid.
Het producten-pakket van Sony's 'Video 8'
DE CAMCORDERS
CCD-V100E Pro, | ![]() |
CCD-V100E PRO: De prof!
De top op camcorder-gebied. Voorzien van tal van snufjes die het actieve videogebruik zo interessant maken. Met regelbaar diafragma, fade in/ fade out, beeld-voor-beeld-opname, macrolens om zo dicht mogelijk bij het onderwerp te kunnen komen, ingebouwde titel-generator, 6x motorzoom met regelbare snelheid en de unieke mogelijkheid om te spelen met het op te nemen beeld voordat het daadwerkelijk op de videocassette wordt vastgelegd.
![]() | CCD-V7AF |
CCD-V7AF: Het complete alternatief!
Een middenklasser met allure. De opvolger van de beroemde V-8. Voorzien van tal van handigheidjes om het videofilmen te optimaliseren. Met autofocus en'quick focus' om altijd haarscherpe beelden te maken, macrolens om zo dicht mogelijk bij het onderwerp te kunnen komen, automatische witbalans voor natuurgetrouwe kleuren, 6x motorzoom en instelbaar diafragma.
| PAK-10 | ![]() |
PAK-10: De dubbele reisgenoot!
Klein en toch compleet: de CCD-M10 (het roggebroodje', slechts 1.1 kilo), die alleen kan opnemen en de EV-P10, een kleine afspeelrecorder. De combinatie is de eenvoud zelve. De CCD-M10 heeft een optische zoeker (in kleur!) en een handig beschermkapje om te verhinderen dat de recorder blijft lopen als u dat niet wilt. De afspeler EV-P10 is geschikt voor 220 Volt, een oplaadbarae accu of een 12 Volt auto-accu. Overal inzetbaar dus. Overigens kan de CCD-M10 ook worden ondergebracht in een sportieve behuizing: het SPK-M8 Sportspack waardoor hij perfect is beschermd tegen een plens water en het MPK-M8 Marinepack, waarmee u moeiteloos onder water kunt filmen. Tot een diepte van maar liefst 40 meter.
![]() | ![]() |
![]() | CCD-V30E |
CCD-V30E: De ideale reisgenoot!
De kleinste camcorder ter wereld! Met opname en weergave! Uitgevoerd met 2½ handzoom (12-30 mm) en macrolens. Een speciale 'backlight'-toets voorkomt dat tegenlicht opnamen uw video-plezier verknallen. Het infrarode scherpstel-systeem zorgt voor haarscherpe opnamen, altijd. Met automatische witbalans en een verstelbare zoeker. Maximale opnametijd: 3 uur!
DE HUISRECORDERS
EV-A200: De basis!
![]() | EV-A200 |
Compact uitgevoerde videorecorder voor huiskamer-gebruik. De tuner kan 30 tv-stations in het geheugen herbergen, de timer kan zes programma's in 1 week opnemen. Maximale speelduur door halve snelheid: 3 uur! Met Hifi-geluidskwaliteit. Cassette spoelt aan het eind automatisch terug.
EV-S600: De ideale combinatie!
![]() | EV-S600 |
Compact uitgevoerde audio- en videostudio voor in de huiskamer. Tuner en timer zijn gelijk aan die van de EV-A200. Uniek is de Multi PCM-mogelijkheid. In plaats van beeld kunt u de 'Video 8'-cassette ook gebruiken voor het vastleggen van maar liefst 18 uur digitale muziek!
EV-S800 / EV-S850PS: De kampioen!
![]() | EV-S800 / EV-S850PS |
De meest uitgebreide en geavanceerde videorecorder in Sony's 'Video 8'-assortiment. Uitermate geschikt als montagerecorder Met 'Jog/ shuttle' op de recorder zelf, maar ook op de infrarode afstandsbediening. 4 videokoppen zorgen voor een streeploze beeldkwaliteit. De speciale 'edit'-schakelaar bewaakt de kwaliteit van de köpie. Met ingebouwde PCM-processor voor een superieure digitale geluidskwaliteit (maximaal 18 uur!).
De EV-S850PS kent dezelfde mogelijkheden, maar is extra uitgerust met VPS en geschikt voor zowel PAL als Secam DDR. VPS, een afkorting voor 'Video Program System', heeft alles te maken met een signaal dat Duitse omroepen meezenden als een programma van start gaat. Omdat programma's nog al eens uitlopen, zaten mensen die hun video op tijd hadden ingesteld voor een opname vaak met het probleem dat er nog een stuk van het voorgaande programma op de videotape stond en niet zelden ontbrak dan net het laatste stukje van die spannende thriller, waar het allemaal om begonnen was. Videorecorders die met VPS zijn uitgerust, wachten met het opnemen tot dat signaal wordt uitgezonden. Ook al staat de 'timer' op een eerder tijdstip ingesteld. Wie in Nederland beschikt over een kabelaansluiting, kan ook hier gebruik maken van de VPS-mogelijkheid.
De participanten in 'Video 8'
'Video 8' heeft een standaardisatie-commissie waarin maar liefst 130 bedrijven zitting hebben genomen. Dat zijn:
- AEG-Telefunken
- Agfa-Gevaert
- Aiwa
- Akai Electric
- Alpine Electronics
- Alps Electric
- Asahi Electronics
- Asahi Optical
- BASF
- Brother Industries
- Canon
- Canon Electrics
- Carl Schneider
- Casio Computer
- Chinon Industries
- Citizen Watch
- Clarion
- Colby Laboratories
- Columbia Magnetic Products
- Cosina
- Crown Radio
- Cubor Tateishi Electronics
- Dai-Ichi Seiko
- DEX
- Diafoil
- Du Pont Japan
- E.I. du Pont de Nemours
- Elmo
- Foster Electric
- Fuji Electric
- Fuji Electrochemical
- Fuji Photo Film
- Fuji Photo Optical
- Fukugo System Institute
- Funay Electric trading
- Future Technology Laboratories
- Gefitec
- General Electric Technical Services
- Granada RV Rental
- Grundig
- Goldstar
- Hirose Electric
- Hitachi Denshi
- Hitachi
- Hitachi Maxell
- Hoshiden Electric
- ICM
- Ikegami Tsushinki
- Inadata
- ITT Asia
- Japan Aviation Electronics
- Japan Camera & Optical Instruments
- Inspection & Testing Institute
- Kalle
- Kanto Denka Kogyo
- Kawamura Institute of Chemical Research
- Kodak
- Konishiroku Ampex
- Konishiroku Photo
- Kowa
- Kyocika
- Lenco
- Luxor
- Mamiya Camera
- Marantz
- Matsushita Electronic Components
- Matsushita Electric Industrial
- Minolta Camera
- Mitsubishi Electric
- Mitsui Mining & Smelting
- Mitsui Toatsu Chemicals
- Mitsuhi Electric
- Nac
- Nakamichi
- New Nippon Electric
- Nippon Chemi-Con
- Nippon Kogaku
- NKG Research
- NV Philips Gloeilampenfabrieken
- Oki Electric
- Olympus Optical
- Onkyo
- Orion Electric
- Osawa Precision Instruments
- Otari Electric
- PD Magnetics
- Photo Export
- Pioneer Electronics
- Polaroid
- Rhone-Poulenc, Japan
- Ricon
- Robert Bosch
- Ryan Plastics
- Salora
- Samsung
- Sankyo Seixi
- Sansui Electric
- Sanyo Electric
- Sharp
- Sharp Video
- Shinton
- Sony
- Spin Physics/eastman
- Kodak Sumitomo Heavy Industries
- Sunkyong Chemical
- Suwa Seikosha
- Taic Engineering
- Taiyo Yuden
- Tamura Seisakosho
- Tamron
- Tandy Magnetic Media
- Tatung of Japan
- Tawashin Denki
- TDK Electronics
- TEAC
- Teijin
- The Furukawa Electric
- The General Corporation
- Thompson-Brandt
- Thorn/EMI Ferguson
- 3M & Sumitomo
- Toko
- Tokyo Sanyo electric
- Toray Industries
- Trio-Kenwood
- Toshiba
- Uher
- Victor
- Yashica
- Zanussi Electronica















